De derde editie van de Multipurpose Maritime Operation (MMO) aan onze kust is afgesloten. Gedurende de zomer werkten Belgische, Franse, Nederlandse en Europese partners samen aan maritieme oefeningen en operaties in het Kanaal en de zuidelijke Noordzee. Dit werd ondersteund door de Europese agentschappen EMSA, EFCA en Frontex. Voor het Agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) was dit een kans om nieuwe middelen te beproeven, procedures te verfijnen en de samenwerking met kustwachtpartners te versterken.
Sofie Rommelaere, collega bij MDK en coördinator van de MMO aan Vlaamse kant, benadrukt de toegenomen deelname van Vlaamse en federale partners zoals het Agentschap Landbouw en Visserij, het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen, Defensie, DG Leefmilieu, DG Scheepvaart en de Scheepvaartpolitie. "Partners hebben gezien dat je met de MMO tastbare resultaten kunt boeken. Je kan nieuwigheden volop testen. Kosteloos. In tijden waarin iedereen moet besparen, is het extra interessant", aldus Rommelaere.
Nederland nam dit jaar voor het eerst deel, wat interessant was voor het testen van drones boven de Noordzee, aangezien een deel van het Vlaamse beheergebied onder Nederlands luchtruim valt. Nederland was op zijn beurt geïnteresseerd in het testen van de onderwaterdrone (ROV) voor het beveiligen van onderzeese kabels en apparatuur. De ROV inspecteerde onder andere een wrak en een oesterherstelzone, waarbij dankzij goede weersomstandigheden hoogwaardige beelden werden verzameld.
De vliegende drone (RPAS) steeg dit jaar voor het eerst op aan de Belgische kust, vanuit de militaire basis van Lombardsijde, wat efficiënter was dan de opstijging vanuit Frankrijk vorig jaar. De drone werd ingezet voor monitoropdrachten en preventief door MDK en de Scheepvaartpolitie om mogelijke vertrekpogingen van migranten te detecteren. Er wordt gehoopt de drone in de toekomst in te zetten bij echte incidenten, bijvoorbeeld om snel beelden door te sturen naar reddingseenheden of om reddingsboeien te droppen.
Tijdens de Search and Rescue-oefening (SAREX), geleid door het MRCC Oostende, moesten de plannen aangepast worden toen twee helikopters uitvielen. De focus verschoof naar medische pre-triage aan boord van de Sirius, een vaartuig van Vloot. De bemanning van Vloot moest de medische toestand van de 'slachtoffers' inschatten, wat door waarnemers van het Rode Kruis als zeer professioneel werd beoordeeld. Ook het overbrengen van brancards werd geoefend, wat de flexibiliteit van de reactie op veranderende omstandigheden bewees.
Tijdens POLEX, een jaarlijkse oliebestrijdingsoefening, werkten Belgische en Nederlandse schepen samen aan een scenario met een olievlek. Ondanks uitdagende golfhoogtes werden de doelstellingen grotendeels bereikt.
De grootste winst van de MMO is volgens Sofie Rommelaere de verbeterde onderlinge kennis en samenwerking tussen organisaties en landen. "Los van de concrete resultaten bouw je een betere band op met je buurlanden en de Europese agentschappen EMSA, EFCA en Frontex. Maar ook binnen België leer je partners beter kennen. Je weet sneller wie je waarvoor kunt contacteren. Die persoonlijke en operationele netwerken zijn bijzonder waardevol wanneer er echt iets gebeurt."
Hoewel een vierde MMO nog niet beslist is, is MDK kandidaat om opnieuw deel te nemen. Er wordt nagedacht over andere activiteiten en middelen, zoals andere dronetypes. Frankrijk pleit voor een permanent karakter van de MMO, en Vlaanderen onderzoekt de mogelijkheid van een internationale pool van schepen en drones. Dit kan de drie jaar durende experimenten doen uitgroeien tot een duurzame vorm van Europese samenwerking op zee.




